U ziet hieronder vragen staan. Door op de vraag te klikken verschijnt het antwoord in beeld.

Wat is hartfalen?
Komt hartfalen vaak voor?
Wat voor gevolgen heeft hartfalen?
Wat zijn de klachten die passen bij hartfalen?
Wat is kortademigheid?
Hoe weet je nu of kortademigheid abnormaal is?
Wat is vochtophoping?
De klachten op een rijtje.
Welke onderzoeken worden gedaan om de diagnose hartfalen vast te stellen?
Welke oorzaken zijn er voor hartfalen?
Welke vormen van hartfalen zijn er?
Wat is een cardiomyopathie?
Wat is de behandeling van hartfalen?
Wat kunt u zelf doen?
De leefregels op een rijtje.

Wat is hartfalen?
Hartfalen is een verzamelnaam voor ziektebeelden die gemeenschappelijk hebben dat het hart tekortschiet in zijn belangrijkste taak: bloed rondpompen. De aanvoer van zuurstofrijk bloed is van wezenlijk belang voor weefsels en organen. Hartfalen heeft op den duur ernstige gevolgen.

Komt hartfalen vaak voor?
Hartfalen komt steeds vaker voor, vooral onder 75-plussers. Het is de keerzijde van het succes van betere medicijnen en nieuwe behandelingen zoals dotteren, een pacemaker en een ICD. Mensen leven langer met een hartziekte, maar vaak met een duurzaam verzwakt hart.
Voor het toenemend aantal mensen met hartfalen richten veel ziekenhuizen een gespecialiseerde hartfalenpoli in.

Wat voor gevolgen heeft hartfalen?
Hartfalen is een chronische ziekte. Als het hart pompkracht heeft verloren, is het heel moeilijk die weer terug te winnen. De behandeling is er meestal op gericht om het proces van verzwakking te vertragen of een halt toe te roepen. Alleen in uitzonderlijke gevallen wordt het hart van iemand met hartfalen weer krachtig als vanouds. Daarvoor moet de oorzaak herstelbaar zijn, zoals een hartritmestoornis die met een pacemaker kan worden verholpen. De meeste mensen met hartfalen blijven de rest van hun leven onder medische behandeling.

Wat zijn de klachten die passen bij hartfalen?
Wie aan hartfalen lijdt, merkt daar zelf in het begin niet altijd veel van. Je bent snel moe en kortademig, maar je weet niet waardoor het komt. Misschien is het gewoon de leeftijd. Pas in het ziekenhuis wordt door onderzoek duidelijk wat er aan de hand is.
Treden er klachten op, dan worden die meestal veroorzaakt door vocht dat zich in het lichaam ophoopt. Het verzwakte hart kan de bloedsomloop minder in beweging houden, waardoor vocht niet goed wordt afgevoerd. Op verschillende plaatsen in het lichaam ontstaat vochtophoping. Problemen ontstaan vaak door vocht in de longen dat de ademhaling bemoeilijkt. Minder ernstig is de ophoping van vocht in buik, benen of enkels.

Wat is kortademigheid?
Kortademigheid is wat het woord zegt, kort van adem zijn. Ademnood. Benauwdheid, ook zonder zware inspanning. Dat is dus iets anders dan het normale hijgen na zware inspanning. Kortademigheid na een stukje sprinten is normaal. Kortademigheid door een hartziekte is niet normaal en kan zich al na een kleine inspanning of zelfs zonder inspanning voordoen. Abnormale kortademigheid kan bijvoorbeeld een symptoom zijn van hartfalen.
Abnormale kortademigheid kan ook ontstaan door een longembolie of door een ziekte die niets met het hart te maken heeft, zoals verzwakte longen of bloedarmoede. Soms is het lastig om vast te stellen of het hart of de longen de kortademigheid veroorzaken.

Hoe weet je nu of kortademigheid abnormaal is?
In één geval weet je dat zeker, namelijk als je kortademig bent zonder dat je je op welke manier dan ook hebt ingespannen. Bijvoorbeeld als je midden in de nacht met ademnood wakker wordt (nachtelijke kortademigheid). Dat is vaak een symptoom van hartfalen. Bij lichte inspanning (kortademigheid bij inspanning) is het minder zeker of je kortademigheid abnormaal is.

Wat is vochtophoping?
Vochtophoping is een abnormale ophoping van vocht, die ontstaat doordat het vocht op die plaats niet via de bloedsomloop kan worden afgevoerd. Aan de buitenkant van het lichaam is de vochtophoping zichtbaar als een zwelling waar je met je vinger een putje in kunt drukken. Oedeem, de medische term voor vochtophoping, gaat terug op het Griekse woord voor zwelling.
Vochtophoping kan onschuldig zijn, maar het kan ook wijzen op een hartziekte zoals hartfalen. Is de oorzaak een hartziekte, dan zakt het vocht door de zwaartekracht meestal in de enkels. Bij toenemende vochtophoping kunnen ook de benen opzwellen. Bij iemand die lang in bed moet liggen, kan het vocht zich ophopen onder aan de rug.
De oorzaak kan ook een verstopte ader zijn. De ader voert het vocht niet af omdat een bloedprop de bloedstroom afsluit, waarna het vocht zich in de ader ophoopt.
Er zijn ook oorzaken voor vochtophoping die niks met het hart te maken hebben, zoals een nieraandoening. De nieren regelen de vochthuishouding in het lichaam door urine aan te maken.
Vochtophoping wordt vaak behandeld met plaspillen. Die bevorderen de aanmaak van urine waardoor het vocht op een natuurlijke manier wordt afgevoerd.

De klachten op een rijtje.
Er kan sprake zijn van hartfalen bij een van de volgende klachten of bij combinatie van deze klachten:

  • Toenemende kortademigheid bij geringe inspanning.
  • Toename vermoeidheid.
  • Nachtelijke kortademigheid, waardoor slecht/ onrustig slapen..
  • Hinderlijke droge prikkelhoest.
  • Opgezette enkels en benen.
  • Vol gevoel in de buik, opgezette buik.
  • Verminderde eetlust.
  • Verminderde urineproductie overdag en 's nachts vaker plassen.
  • Gewichtstoename van 2-3 kg in 2-3 dagen.

Neem contact op met een arts in één of meer van de bovenstaande gevallen!
Bij acute benauwdheid bel 112!

Welke onderzoeken worden gedaan om de diagnose hartfalen vast te stellen?
Voor een dokter is het moeilijk om de diagnose ‘hartfalen’ met zekerheid te stellen, hoewel dat voor het bepalen van een juiste behandeling erg belangrijk is. Daarom voert een dokter naast het meten van de ejectiefractie (ofwel pompkracht van het hart) ook andere onderzoeken uit. Op een röntgenfoto van de borstkas, een thoraxfoto, is te zien of er zich vocht heeft opgehoopt in de longen. Een hartfilmpje of ECG brengt een eventuele afwijking in het hartritme aan het licht. Ook een bloedonderzoek in het laboratorium kan belangrijke informatie opleveren. Verder zal er meestal een echo van het hart worden gemaakt. Als deze onderzoeken geen uitsluitsel geven, is hartkatheterisatie de enige manier om zekerheid te krijgen.
De ejectiefractie is een percentage dat uitdrukt hoeveel bloed er bij het samentrekken van de hartspier uit de linker- of de rechterkamer wordt geperst. Het is een goede indicatie voor de spierkracht van het hart. De ejectiefractie kan op verschillende manieren worden gemeten. Standaard gebeurt dat via een echo van het hart, maar een meting via MRI of een andere hartscan is ook mogelijk.
De ejectiefractie wordt uitgedrukt in een percentage dat de uitgepompte hoeveelheid bloed relateert aan de totale vulling van de kamer. Gezonde mensen hebben een ejectiefractie van 60 of 70 procent, maar een ejectiefractie van 40 procent is nog redelijk normaal. Bij een ejectiefractie van 30 procent gaat een dokter zeker aan hartfalen denken. Uit het aanvullende onderzoek moet dan blijken of er inderdaad sprake is van hartfalen.

Welke oorzaken zijn er voor hartfalen?
Voor een dokter is hartfalen op zichzelf een ongrijpbaar fenomeen. Om hartfalen te kunnen behandelen, moet hij meer weten. Hoe komt het dat de pompfunctie van het hart is verzwakt? De vijf meest voorkomende oorzaken staan hier op een rijtje. Ze komen overigens vaak in combinatie voor.
1. Een oud hartinfarct is in vier van de vijf gevallen de oorzaak van hartfalen. Een hartinfarct beschadigt een deel van de hartspier, waardoor de pompkracht van het hart minder kan worden - kán worden, want dat gebeurt zeker niet altijd.
2. Bij een hoge bloeddruk moet het hart harder werken. De hartspier moet het bloed tegen een hoge druk in pompen en verliest na verloop van tijd zijn souplesse. De spier wordt dan dikker en stijver, waardoor de pompkracht van het hart afneemt. Het proces versterkt zichzelf: hoe stijver de spier, hoe moeilijker het hart het heeft en hoe groter het risico dat de overbelaste spier nog stijver wordt.
3. Klepgebreken zijn een derde oorzaak. Het hart moet harder werken als één van de vier hartkleppen is vernauwd of niet meer goed sluit. De doorstroming van het bloed is dan belemmerd. Na verloop van tijd kan de hartspier hierdoor zijn pompkracht verliezen.
4. Een hartritmestoornis zoals boezemfibrilleren kan gevolgen hebben voor de pompkracht van het hart. Het ritme van samenknijpen is te snel, te langzaam of te onregelmatig, waardoor de uitstroom van bloed minder krachtig en gelijkmatig is.
5. Cardiomyopathie is een ziekte van de hartspier. Sommige mensen met cardiomyopathie krijgen hartfalen, maar niet allemaal.
Welke vormen van hartfalen zijn er?

Welke vormen van hartfalen zijn er?
Er zijn twee vormen van hartfalen, die genoemd worden naar de twee fasen in de beweging van de hartspier. De fase van samentrekken is de systole, de fase van ontspanning de diastole. Systolisch hartfalen betekent dat er minder bloed het hart uit wordt gepompt omdat de knijpkracht van de hartspier is afgenomen, waardoor het hart zich minder krachtig samentrekt. Dit is de meest voorkomende oorzaak van hartfalen.  Diastolisch hartfalen wijst op een probleem in de fase van ontspanning. De hartspier ontspant zich minder en is daardoor niet goed in staat om zich te verwijden en zich met bloed te vullen, waardoor er eveneens minder bloed het hart verlaat.

Wat is een cardiomyopathie?
Cardiomyopathie is een verzamelnaam voor ziekten van de hartspier. Allerlei ziekten kunnen de hartspier verzwakken. Meestal gebeurt dat door een afgesloten kransslagader of door een slecht werkende hartklep, maar soms gaat het om een afwijking van de hartspier zelf. In dat geval spreek je van cardiomyopathie. De term is uit drie delen samengesteld: cardio = hart, myo = spier, pathie = ziekte. Cardiomyopathie komt niet vaak voor. Niet meer dan ongeveer 1 procent van de mensen met een hartziekte heeft een cardiomyopathie.
Cardiomyopathie leidt tot een verwijde dan wel een verdikte hartspier. In beide gevallen is de pompfunctie van het hart verzwakt en krijgen de weefsels en organen minder zuurstof. Bij een verwijde hartspier spreek je van gedilateerde cardiomyopathie, een verdikte hartspier noem je hypertrofische cardiomyopathie. Naast deze twee ziektebeelden bestaan er vormen van cardiomyopathie waarbij de hartspier zijn soepelheid verliest en verandert in stijf bindweefsel.
 De verschillende cardiomyopathieën hebben gemeen dat de spiercellen in het hart zich afwijkend gedragen, hoewel de oorzaak van die afwijking heel verschillend kan zijn. Vaak speelt erfelijke of aangeboren aanleg erfelijke of aangeboren aanleg een rol. Hypertrofische cardiomyopathie is vrijwel altijd erfelijk, gedilateerde cardiomyopathie soms ook, maar veel minder vaak. Gedilateerde cardiomyopathie kan veel verschillende oorzaken hebben en in de praktijk zijn die niet altijd duidelijk. Factoren die een rol spelen zijn in ieder geval griep, erfelijke aanleg, alcohol en geneesmiddelen.  Cardiomyopathie is in de meeste gevallen een ernstige ziekte. Vaak leidt de ziekte tot een onherstelbaar verzwakt hart en hartfalen.
Toch kan een door cardiomyopathie verzwakt hart in uitzonderlijk gevallen ook weer sterker worden, in het bijzonder als de oorzaak kan worden weggenomen. Zo kan, als overmatig alcoholgebruik de oorzaak is, stoppen met alcohol soms tot volledig herstel leiden.

Wat is de behandeling van hartfalen?
De behandeling van hartfalen is erop gericht om de klachten te bestrijden en het proces van spierverzwakking te vertragen met medicatie. Soms kan een pacemaker helpen om de pompkracht van het hart te vergroten.
ACE-remmers: De bloeddrukverlagende ACE-remmers staan centraal in de behandeling van hartfalen. ACE is een eiwit dat een functie heeft bij het regelen van de bloeddruk. De naam is een afkorting van Angiotensine Converting Enzym, ofwel ‘eiwit dat angiotensine verandert’. Het ACE-eiwit zorgt dat het hormoon angiotensine de vaten vernauwt en de bloeddruk verhoogt. ACE-remmers remmen het ACE-eiwit af, waardoor de bloedvaten kunnen verwijden en de bloeddruk daalt, waardoor het hart ontlast wordt.
Plaspillen: Door de verzwakte pompkracht van het hart hoopt zich vocht op in longen, buik, benen of enkels. Om het teveel aan vocht af te voeren schrijft de dokter plaspillen voor. Deze medicijnen bevorderen de afvoer van vocht door als het ware een kraantje open te zetten in de nieren.
Bètablokkers: Bloeddrukverlagende bètablokkers vertragen de hartslag, waardoor het hart zich makkelijker met bloed kan vullen. Deze medicijnen hebben vooral op de langere termijn een gunstig effect.
Pacemaker: Als een maximale behandeling met medicijnen onvoldoende effect heeft, kan een pacemaker bij sommige mensen met hartfalen uitkomst bieden. Soms trekken de wanden van de linkerhartkamer niet meer synchroon samen, waardoor het hart pompkracht verliest. Dat is te zien op een ECG. Een pacemaker kan dan zorgen dat de wanden van de linkerkamer weer tegelijk samentrekken. Dit type pacemaker geeft via slangetjes een elektrische prikkel aan beide wanden en wordt daarom een biventriculaire pacemaker genoemd (bi = twee, ventrikel = hartkamer).

Wat kunt u zelf doen?
Hartfalen vergt van u en van uw naaste omgeving de nodige aanpassingen. Uw naasten zijn direct of indirect ook betrokken bij uw ziekte.
Inzicht in uw aandoening stelt u en uw naasten in staat mee te denken en mee te beslissen over uw behandel- en begeleidingstraject U bent beter in staat met uw ziekte en de gevolgen hiervan om te gaan en de leefregels te in te passen in uw leven en leefstijl.
Mensen met hartfalen moeten zich aan veel leefregels houden: Gebruik van medicijnen, zout arm dieet, vochtbeperking, niet te veel en niet te weinig bewegen, voldoende rusten. Vaak is het moeilijk om al deze leefregels goed vol te houden. Sommige mensen hebben hier weinig problemen mee; voor anderen vergt dit een grote aanpassing.
De verschillende leefregels zijn bedoeld om de klachten die gepaard gaan met hartfalen zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken. Uw therapietrouwheid is hierbij van grote invloed op uw welbevinden.

De leefregels op een rijtje.

  • Beperk de inname van zout
  • Beperk de inname van vocht
  • Zorg voor voldoende voedingstoffen
  • Beperk het gebruik van alcohol
  • Zorg voor voldoende lichaamsbeweging
  • Neem regelmatig rust
  • Probeer een goede balans te vinden tussen activiteiten en rust
  • Neem de medicijnen in zoals voorgeschreven
  • Stop met roken
  • Voorkom verkoudheid, griep of infectie
  • Let op tekenen van verslechtering ( onder andere door dagelijks het gewicht te controleren)
  • Waarschuw tijdig de arts bij tekenen van verslechtering ( zie overzicht: klachten op een rijtje)

  

Meer informatie

Wilt u een afspraak maken of heeft u vragen?

Polikliniek Cardiologie
(040) 888 82 00
Eindhoven route 41
Veldhoven route 207

Functie Afdeling Cardiologie
(040) 888 86 80
Eindhoven route 41
Veldhoven route 204

Openingstijden
Maandag tot en met vrijdag
08.30 uur tot 17.00 uur

Routebeschrijving